Pangkor en Penang
De excursie naar Pangkor eiland wordt door niemand gedaan. Het is hier veel te goed toeven. Even rust is wel goed na al die korte nachten slaap. En bij het zwembad aan zee zit een cocktailbar dus…. Bijzonder is dat vanuit onze ligstoel de neushoornvogels goed te zien zijn. Alsook de apen. De makaken zijn zo brutaal dat ze mijn citroentje uit mijn cocktail jatten. En ik niet alleen. Zie ook de fotootjes.
Pangkor is in feite een rustplaats. We bruinen eindelijk even bij. Heerlijk. Cocktails in het zwembad en BBQ.
Vanuit Pangkor gaan we naar Penang. Het stadje Georgetown heeft koloniale gebouwen, een sfeervol Chinatown, de wijk Little India met vele zijde- en specerijenwinkels en langs de boulevard staan de bekende ‘hawker-stalletjes’ met de lekkerste hapjes en gerechten.
Een tocht met Trishaws (een soort Riksja’s) door Georgetown maakte van ons een topattractie. We bezoeken verschillende tempeltjes, een hindoeistische en een chinese. En ook een stinkende pier waar mensen wonen. Dat laatste was me niet helemaal duidelijk waarom.
We gaan de volgende dag naar de Kek Lok Si Temple, één van de grootste Boedistische tempels in Zuidoost Azië met aan de voet vele ‘Chinese’ stalletjes. Bij de foto die ik naar huis stuur zegt Tijn of ik misschien sate ga halen bij de chinees? Haha.
Het is een mooie boedistische tempel. In het midden een vijver met heel veel schildpadden. Het complex is gigantisch en heeft mooie uitzichten. Wel gek dat ik hier in het grootste boedistische complex sta. De vrijdag voor deze reis had ik eigenlijk een visum gehaald voor mijn reis naar Nepal. Het is vanwege visum problemen toch Maleisië geworden en nu sta ik hier tussen de boeddhistische monniken. Vreemd is dit!
Van de birmese tempel aan de overkant krijg ik een zegening. Een geel bandje om mijn pols. Voor goed geluk. Ik hoop het ik, kan het goed gebruiken met alle ellende van afgelopen jaren van beide ouders, schoonzusje en mijn vrouw verliezen.
Gerelateerde posts:
Reageren: